Via een kabel kan de molenaar de praam vanaf de molenberg bedienen.
De kabel draait rond de praamrol en deze trekt de praambalk omhoog.
 Dit brengt de praambalk in beweging en deze hecht zich in de praamhaak.
Zo komt de vang los van het kamwiel en kunnen de wieken draaien.
 
   Hier ziet U de ijzeren praamhaak.
Als de molenaar de wieken wil stoppen moet de praambalk uit de haak getrokken worden.
De praambalk wordt langzaam naar beneden gelaten en zo stoppen de wieken.